De start van de zes uur van Silverstone werd gewonnen door de Peugeot van Pagenaud en Bourdais. De nr. 7 Peugeot had feitelijk de hele wedstrijd de beste papieren in een wedstrijd die gekenmerkt werd door crashes, druk verkeer van langzamere deelnemers en schade. Veelal waren dit de factoren die eigenlijk bepaalden wie met de buit naar huis zou gaan. Met name gedurende het eerste uur werd er regelmatig aan de leiding, vaak agressief gewisseld, tussen Peugeot en Audi. Deze vorm van inhalen bracht echter niet voor iedereen het verwachte resultaat.
Bij Peugeot was Frank Montagny het eerste slachtoffer. Tijdens een inhaalpoging week Montagny van zijn lijn en ging in Copse rechtdoor. De schade aan de Peugeot was aanzienlijk. De Fransman kon uiteindelijk de zwaar gehavende Peugeot nog richting de pits terugrijden en het team wist de wagen ook weer op te lappen. Een ereplaats zat er echter niet meer in. Wat later werd Alan McNish het slachtoffer van de JMW Ferrari van Rob Bell en James Walker. Een gebroken stuurinrichting was het gevolg en McNish bleef geruime tijd in de pits voor herstelwerkzaamheden. Uiteindelijk ging het tussen de Peugeot van Pagenaud en Bourdais en de Audi van Bernhard en Fässler. De beslissing in de wedstrijd viel op het moment dat Bernhard bij het team aanklopte met een beschadigde achterkant. Hoewel de Audi monteurs puik werk leverden bleek de stop uiteindelijk te lang om de nr. 7 Peugeot echt het vuur aan de schenen te leggen.










